Laf

Elke keer dat een moordpoging in de krant wordt getypeerd als een ‘laffe aanslag’, vraag ik me onwillekeurig af of er ook moedige aanslagen bestaan. Laf en moedig (of vermetel) zijn immers tegengestelde begrippen en als er geen moedige aanslagen bestaan, waarom zou je een aanslag dan als ‘laf’ beoordelen?

Uit de krantendatabank blijkt dat ‘laffe aanslag’ de afgelopen drie decennia ruim 700 keer in een krantenbericht heeft gestaan. ‘Moedige aanslag’ daarentegen maar twee keer: één keer betrof het een aanslag op een schaakstuk, de andere keer opperde een columnist dat een aanslag alleen ‘moedig’ kan heten als er een kans bestaat dat je ‘als dader tijdens de aanslag zal overlijden’.

Dat betwijfel ik.

Op internet is de combinatie van moedig (of vermetel) en aanslag eveneens ongewoon. Zelfs de bomaanslag van kolonel Von Stauffenberg op Adolf Hitler wordt slechts één keer een ‘vermetele aanslag’ genoemd. Overigens valt wel op dat aanslagen op dictators, tirannen, terroristenbazen en generaals van vijandige naties vrijwel nooit als ‘laf’ beoordeeld worden, maar veeleer in gunstiger bewoordingen worden gekwalificeerd als ‘goed voorbereid’ of ‘spectaculair’.

Na tal van krantenberichten gelezen te hebben, denk ik dat ‘laffe aanslag’ niet zoveel zegt over de uitvoering van de aanslag. De toevoeging laf aan aanslag (of vergelijkbare woorden als aanval of moord) houdt een oordeel in en zegt iets over de emotie van de schrijver.

Door bijvoorbeeld de aanslag op Peter R. de Vries te betitelen als een ‘laffe’ aanslag, maakt een schrijver duidelijk dat het om een ‘lafhartige’ daad gaat, een daad gericht tegen een slachtoffer dat zich op het moment van de aanslag niet kan verdedigen. Daarnaast drukt laf een gevoel van minachting uit ten opzichte van de dader. Laf is in dit verband dan ook primair een woord dat een gevoelsreactie van de schrijver tot uitdrukking brengt.

 

Ton den Boon, Nederlands hoofdredacteur van de Dikke Van Dale

 

Vorig artikel
Volgend artikel

Gerelateerde artikelen